Verloop van de procedure

De zitting van de raadkamer verloopt achter gesloten deuren. Dit betekent dat de zitting van de raadkamer enkel toegankelijk is voor de partijen: de inverdenkinggestelden, de burgerlijke partijen en de benadeelde partijen die zich burgerlijke partij wensen te stellen en hun advocaten.

Bij de behandeling van de zaak door de raadkamer kunnen de burgerlijke partijen reeds hun nota neerleggen, waarin ze o.m. vermelden wat de schade is die ze hebben opgelopen, en kunnen ze deze desgevallend kort mondeling toelichten. De onderzoeksrechter geeft toelichting over het dossier en de procureur des Konings licht zijn vordering (standpunt) toe. Als laatste komen de inverdenkinggestelden aan het woord.

De raadkamer neemt vervolgens een beslissing over het verdere verloop van het dossier (dit wordt juridisch de regeling van de rechtspleging genoemd). In het kader van dit dossier heeft de raadkamer daarbij volgende mogelijkheden:

  • ze kan vaststellen dat het gevoerde onderzoek niet volledig is (niet “in staat” is). Het dossier keert dan terug naar de procureur des Konings die bijkomend onderzoek zal vragen aan de onderzoeksrechter;
  • ze kan oordelen dat er onvoldoende bezwaren zijn tegen de (of één van de) inverdenkinggestelde(n) (dit wordt juridisch een “beschikking tot buitenvervolgingstelling” genoemd);
  • ze kan oordelen dat er wel voldoende bezwaren zijn en dan verwijst ze de zaak naar de politierechtbank van Halle, die de zaak verder zal behandelen.

Let op: de raadkamer oordeelt enkel over bezwaren. Het is de politierechtbank die zal oordelen of die bezwaren voldoende bewijzen opleveren om een veroordeling uit te spreken. Het is ook de politierechtbank die zal beslissen over de eventuele schadevergoedingen.

Tegen de beslissing van de raadkamer kan er in bepaalde gevallen hoger beroep worden ingesteld bij het hof van beroep (meer bepaald bij de kamer van inbeschuldigingstelling).